Corruption Perceptions Index 2018: maatregelen tegen corruptie in meeste landen tot stilstand. Nederland opnieuw 8ste plaats.

Op 29 januari lanceerde Transparency International de jaarlijkse Corruption Perceptions Index: de CPI 2018. Dit jaar scoort wederom meer dan tweederde van de landen onder de maat, met een gemiddelde score van slechts 43 op een schaal van 100. De CPI 2018 laat zien dat het onverminderd falen van landen om corruptie terug te dringen, bijdraagt aan een wereldwijde crisis van de democratie.

“Corruptie creëert een vicieuze cirkel, waarin de democratie ondermijnd wordt en de zwakke democratische instellingen op hun beurt minder goed in staat zijn om corruptie te beheersen”aldus Patricia Moreira, Managing Director van Transparency International.

Hoewel sinds 2012 twintig landen hun CPI-scores aanzienlijk hebben verbeterd (o.a. Argentinië, Senegal, Guyana en Ivoorkust), zijn in zestien landen de scores beduidend verslechterd (o.m. Australië, Chili, Malta, Hongarije en Turkije). Dat betekent dat het grootste deel van de landen tot stilstand is gekomen, en dus geen vooruitgang boekt in de strijd tegen corruptie.

CPI 2018

Denemarken presteert het beste met een score van 88, op de voet gevolgd door Nieuw-Zeeland (87), Finland (85) en Singapore (85). Hoewel geen enkel land corruptievrij is, delen de landen aan de top dezelfde kenmerken: openbaar bestuur, persvrijheid, burgerlijke vrijheden en onafhankelijke rechtsstelsels.

Voor het twaalfde jaar op een rij is Somalië de hekkensluiter van de index, met dit jaar een score van 10 op de index. Syrië is de tweede onderaan de lijst met een score van 13, gevolgd door Zuid-Soedan (13) en Jemen (14). Landen onderaan de index worden gekenmerkt door politieke instabiliteit, een zwakke rechtsstaat en ongebreidelde corruptie, lage persvrijheid, een weinig betrokken maatschappelijk middenveld en slecht bestuur.

Noemenswaardig is dat de Verenigde Staten (score van 71) vier punten heeft verloren sinds vorig jaar. Het land viel daarmee voor het eerst sinds 2011 uit de top 20 van de CPI. De lage score komt op een moment dat het systeem van checks and balances van de VS bedreigd wordt en een uitholling van ethische normen op het hoogste machtsniveau plaatsvindt.

Ook bevestigt deze kwestie de onderzoekanalyse die een verband aantoont tussen corruptie en de gezondheid van democratieën. “Corruptie floreert wanneer democratische instellingen zwak zijn, en zoals we in veel landen hebben gezien, kunnen ondemocratische en populistische politici dit in hun voordeel gebruiken”, zei Delia Ferreira Rubio, voorzitter van Transparency International wereldwijd.

Nederland in de CPI 2018

Nederland staat dit jaar opnieuw op de achtste plaats. Ons land staat hiermee nog net in de top 10. Nederland behaalt, evenals vorig jaar 82 punten. In 2016 waren dit 83 punten en in 2015 nog 84 punten. Dat Nederland minder punten haalt dan in 2016 en 2015, wordt in belangrijke mate veroorzaakt door relatief lage scores voor de kwaliteit van de democratie en de rechtsstaat. Ons land heeft, ondanks aanbevelingen van de Groep van Staten tegen Corruptie (GRECO) en Transparency International Nederland (TI-NL) op deze punten, nog altijd geen vooruitgang geboekt.

“Nederland neemt corruptie onvoldoende serieus. En dat is heel schadelijk: het vertrouwen van de burger in de overheid en de rechtsstaat neemt af en een afgezwakt democratisch bestel is minder goed in staat om corruptie te bestrijden. Niet alleen burgers maar ook bedrijven hebben een stabiel maatschappelijk klimaat nodig om in te opereren en de investeringen te doen die werkgelegenheid en welvaart brengen. Er zijn dus zeer goede sociale en economische redenen om integriteit en corruptiebestrijding hoger op de agenda te zetten”, aldus Paul Vlaanderen, voorzitter van TI-NL.

Kwaliteit Nederlandse democratie

Verschijnselen die corruptie en fraude mogelijk maken, zoals belangenverstrengeling en een oneerlijke verdeling van macht, ondermijnen de democratie en het vertrouwen van burgers in hun machthebbers. Bovendien zijn corruptie en fraude de slopers van saamhorigheid: burgers hebben minder zin zich in te zetten voor de maatschappij en keren de politiek de rug toe. Of ze stemmen op populistische partijen die zich kritisch uitlaten over de democratie en rechtsstaat.

De laagste score gaat ook dit jaar naar de Sustainable Governance Indicators van de Bertelsmann Foundation, met 70 punten van de 100. Deze bron beoordeelt de kwaliteit van de democratie. Het gaat daarbij om de vraag: “In welke mate wordt voorkomen dat ambtenaren en politici misbruik maken van hun ambt voor privébelangen?”

We doen in Nederland veel te weinig om te voorkomen dat ambtenaren en politici misbruik maken van hun ambt voor eigen belangen. Zo wil de Eerste Kamer mogelijke integriteitsschendingen – veelal belangenverstrengeling – zélf onderzoeken. GRECO beveelt nu juist aan dat de Eerste Kamer hiertoe een externe toezichthouder aanstelt. Maar nee, de slager keurt liever zijn eigen vlees. Ook naleving van het geschenkenregister voor giften van €50 of meer, wordt niet serieus genomen: zelfs chocoladerepen worden geregistreerd. En als iemand iets “per ongeluk” vergeet in te voeren, is er geen haan die er naar kraait. GRECO wees ook op de grote financiële kwetsbaarheid van Nederland. In de politiek is het gebrek aan transparantie over ontvangen (buitenlandse) giften daar een treffend voorbeeld van.

Kwaliteit Nederlandse rechtsstaat

De Universiteit van Göteborg stelt in het Varieties of Democracy (V-dem) Project, ook een bron van de CPI 2018, dat er in Nederland problemen zijn binnen de rechterlijke macht in het algemeen, bij het toezicht op rechters en bij de toegang tot de rechterlijke macht. Dit wordt bevestigd door Frits Bakker, oud-voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, die eind 2018 met veel rumoer aftrad. Hij had in zijn ogen gefaald de ‘onafhankelijke’ financiering van de rechtspraak te verankeren. Hij voelde zich bedelaar bij de minister van Financiën en vatte zijn relatie samen met: ‘Bakker, hou je bek’. Eerder deze maand is in het hele land door advocaten geprotesteerd tegen de plannen van minister Dekker om mensen meer te laten betalen voor rechtshulp en zelfs bepaalde rechtsgebieden uit te sluiten van gratis juridisch advies.

Maar ook de hervormingen bij de politie en het Openbaar Ministerie (OM) zorgen voor integriteitskwesties die zo langzamerhand chronisch genoemd kunnen worden. En dat is gevaarlijk bij instanties die de integriteit van de Nederlandse samenleving moeten borgen en misdadigers moeten vervolgen. In 2018 werd een keur aan politieagenten vervolgd voor hulp aan criminele organisaties. Zo kreeg een politiemol vijf jaar cel voor corruptiewegens het verkopen van vertrouwelijke informatie aan criminelen. Een hooggeplaatste politiefunctionaris typeerdeNederland als een “Narcostaat” om de slechte gang van zaken te karakteriseren.

En wat is er aan de hand bij het OM? In nog geen half jaar tijd vertrokken vijf topmagistraten. Zo stapten drie leidinggevenden van het OM in Zeeland-West-Brabant gedwongen op na negatieve uitkomsten van een onderzoek naar de bedrijfscultuur. Het voormalige hoofd van het Bureau Integriteit bij het OM sprak van een “afrekencultuur”. “Aan de top houden meerdere mensen elkaar gegijzeld, omdat ze elkaar te goed kennen.” Dit is schokkend, omdat juíst bij rechtshandhavers integriteit in het DNA zou moeten zitten.



Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF