Shell-top wist van omkoping in Nigeria

Er zijn zeer sterke aanwijzingen dat bestuurders van Shell wisten dat het olieconcern een veroordeelde witwasser honderden miljoenen betaalde om een miljardenconcessie in Nigeria binnen te slepen. Het was duidelijk dat een deel van het geld zou worden gebruikt voor steekpenningen.

Shell en Eni betaalden de Nigeriaanse overheid in 2011 1,3 miljard dollar voor de rechten op het olieveld OPL 245, voor de Nigeriaanse kust, met een geschatte voorraad van ruim 9 miljard vaten olie. Italiaanse en Nederlandse autoriteiten vermoeden al langer dat daarbij sprake was van corruptie, iets wat Shell altijd heeft ontkend. Begin vorig jaar deed de Fiod in dit verband een inval bij het hoofdkantoor van Shell in Den Haag.

Nu blijkt dat de opsporingsdienst die dag ook telefoongesprekken heeft afgeluisterd van Ben van Beurden. Daarin refereert de huidige topman van Shell aan het bestaan van mogelijk belastend materiaal. Van Beurden werkte in 2011 in de chemietak van het bedrijf en was niet bij de deal betrokken.

Samen met het Italiaanse OM doet justitie in Nederland daar al bijna twee jaar onderzoek naar. Op 17 februari 2016 viel de FIOD het hoofdkwartier van Shell in Den Haag binnen. Het onderzoek draait om de vraag of er steekpenningen zijn betaald aan Nigeriaanse overheidsfunctionarissen. Volgende week houdt het Italiaanse OM een hoorzitting over de kwestie. Het onderzoek van het Nederlandse OM loopt nog en het is nog niet duidelijk of het tot een rechtszaak zal komen. Shell en Eni zeggen volledig aan het onderzoek mee te werken.

Shell en ENI ontkennen alle beschuldigingen over betaling van steekpenningen.

 

 

Eerdere berichtgeving over dit onderwerp:

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF