Tweede Kamer akkoord met korte parlementaire ondervraging over fiscale constructies / brievenbusfirma's

De Tweede Kamer heeft dinsdag 11 oktober 2016 ingestemd met het houden van een parlementaire ondervraging over fiscale constructies. Het is voor het eerst dat de Kamer zo'n parlementaire ondervraging organiseert, in de media ook wel "mini-enquête" genoemd. 

De Kamer is akkoord gegaan met een voorstel van Kamerleden Ed Groot (PvdA) en Rik Grashoff (GroenLinks) om een parlementaire ondervraging te houden over fiscale constructies waarbij Nederland betrokken is. Op maandag 12 september had de commissie voor Financiën al een gesprek met deskundigen over het onderwerp. De volgende stap is het samenstellen van een commissie van Kamerleden.

Panama Papers

In april lekten een groot aantal documenten uit met gegevens van internationale cliënten die gebruik maakten van een trustkantoor in Panama om grote vermogens buiten het zicht van de fiscus in belastingparadijzen te stallen. Daarbij doken ook namen op van een aantal Nederlandse partijen, zowel particuliere klanten, bedrijven als belastingadviseurs en Nederlandse trustfirma’s. Een deel van de Tweede Kamer wilde hierop nader onderzoek naar de rol die Nederland speelt als draaischijf van belastingontduiking.

Parlementaire ondervraging

De parlementaire ondervraging is een nieuw instrument van de Kamer, op aanbeveling van de tijdelijke commissie Evaluatie Wet op de parlementaire enquête. Bij deze kortdurende parlementaire enquête worden personen onder ede verhoord en zijn zij verplicht om medewerking te verlenen.

De Tweede Kamer heeft de behoefte uitgesproken om naast de hoorzitting en het rondetafelgesprek enerzijds en de parlementaire enquête anderzijds, een middel te hebben dat flexibeler inzetbaar is, om er op die manier voor te zorgen dat de informatiepositie van de Kamer wordt verzekerd en dat zij mensen kan ondervragen, zo nodig onder ede, zonder daarvoor een "fully dressed" parlementaire enquête te organiseren.

Hoewel gebruik gemaakt wordt van het bestaande wettelijke kader zoals neergelegd in de Wet op de parlementaire enquête 2008, wordt de parlementaire ondervraging gelet op de aard, opzet en omvang van het onderzoek gezien als een nieuw instrument van de Tweede Kamer.

Er worden echter geen nieuwe bevoegdheden gecreëerd of gewijzigd. Het wordt gepositioneerd tussen enerzijds de reguliere hoorzitting (of rondetafelgesprek), waaraan derden op basis van vrijwilligheid deelnemen en anderzijds de gebruikelijke wijze waarop parlementaire enquêtes worden vormgegeven, inclusief uitvoerig dossieronderzoek en een doorgaans lange doorlooptijd. Met de parlementaire ondervraging wordt aldus het gat gedicht tussen een gewone hoorzitting en een (omvangrijke en langdurige) parlementaire enquête.

 

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF