Southwark Crown Court veroordeelt Cyril Sweett International Limited (CSIL) wegens omkoping

De Southwark Crown Court in het Verenigd Koninkrijk heeft onlangs voor de eerste keer een straf opgelegd aan een rechtspersoon in relatie tot artikel 7 van de Bribery Act 2010 (UKBA). Deze bepaling stelt strafbaar “Failure of commercial organisations to prevent bribery”.

Het gaat in deze kwestie om betalingen die zouden hebben plaatsgevonden in de periode 2009-2011 door een voormalig medewerker in Dubai, werkzaam voor het op Cyprus gevestigde Cyril Sweett International Limited, een volle dochter van de Sweett Group. Deze betalingen gedaan in de Verenigde Arabische Emiraten (VEA) hadden tot doel het binnenhalen van een opdracht voor de bouw van een ziekenhuis in Marokko, gefinancierd uit een persoonlijk fonds van de president van de VEA. De waarde van het contract bedroeg £1.6 million en de betalingen bedroegen in totaal £680,000.

Hoewel het bedrijf beschikte over interne regelgeving met betrekking tot corruptie (een anti-bribery statement en een ethics policy) en online trainingen voor medewerkers werden verzorgd ter voorkoming van corruptie, kon het bedrijf geen beroep doen op het op zijn plaats hebben van 'adequate procedures' om te voorkomen dat omkopingshandelingen worden verricht, en ging voor een schuldigverklaring. 

Hoewel in 2015 de ICBC Standard Bank nog tot een schikking van 33 miljoen dollar kwam met de Serious Fraud Office (SFO) met betrekking tot omkoping in Tanzania, waardoor vervolging onder artikel 7 van de UKBA werd afgewend, maakte de SFO in deze zaak geen gebruik van de mogelijkheid tot het gebruik van een zogenaamde deferred prosecution agreement (DPA).

Deze mogelijkheid staat de SFO onder bepaalde omstandigheden ter beschikking. Hoewel Sweett - tot op zekere hoogte - medewerking heeft verleend aan de SFO, was dat niet voldoende om tot een DPA te komen. Zo is door Sweett niet een intern onderzoek uitgevoerd voordat het SFO-onderzoek van start is gegaan. 

De Crown Court heeft aan Sweett een boete opgelegd van £1.4 million. Daarnaast is £851,152.23 ontnomen en is bevolen tot de betaling van £95,000 aan kosten. De ontneming dient binnen drie maanden te zijn voldaan. Voor wat betreft de boete, daarvan dient de eerste 50% op 19 februari 2017 te zijn voldaan en de overige 50% een jaar later. 

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF