Mogelijk proef met parlementaire ondervraging

De parlementaire enquête is een belangrijk onderzoeksinstrument van de Kamer. Maar het houden ervan vergt veel voorbereiding en onderzoek. Daarom wordt nu vaak gekozen voor een hoorzitting of rondetafelgesprek. Het nadeel daarvan is echter is dat mensen niet gedwongen kunnen worden om te verschijnen en dat ze evenmin onder ede kunnen worden gehoord. Een tijdelijke commissie onder voorzitterschap van SP’er Van Raak heeft gezocht naar een oplossing. In haar verslag adviseert de commissie om een proef te houden met een tussenvorm: parlementaire ondervraging. Daarbij worden personen onder ede gehoord, zonder dat daar een uitgebreid onderzoek aan voorafgaat.

PARLEMENTAIRE ONDERVRAGING VOORZIET IN BEHOEFTE

Er zit een gat tussen parlementaire enquête en de hoorzitting, stelt Van Nispen (SP) vast. Hij is positief over het protocol waarin de commissie de werkwijze bij een parlementaire ondervraging wil vastleggen. Fokke (PvdA) beschouwt het als een geschikt instrument om in korte tijd relevante informatie te verzamelen. Ook Amhaouch (CDA) is vooral positief, maar hij benadrukt wel dat een parlementaire ondervraging altijd gedegen moet worden voorbereid. Ook lijkt het hem verstandig om voor een ondervraging contact op te nemen met het Openbaar Ministerie, zodat er geen conflict ontstaat met strafrechtelijk onderzoek.

VRAGEN OVER GEVOLGEN VAN INVOERING NIEUW INSTRUMENT

De parlementaire ondervraging is in feite een “parlementaire enquête light”, stellen verschillende woordvoerders vast. Taverne (VVD) wijst op de inflatie van parlementaire instrumenten en vreest voor uitholling van het instrument parlementaire enquête als er veel parlementaire ondervragingen gaan plaatsvinden. Het instrument zou daarom alleen ingezet moeten worden bij een serieus, breed maatschappelijk probleem, betoogt Bisschop (SGP), ook om te voorkomen dat personen of instellingen onterecht “in het verdachtenbankje” worden gezet. De voorbereiding van parlementaire ondervragingen zal veel tijd vragen, verwacht Koşer Kaya (D66): kunnen kleinere fracties er dan wel aan deelnemen?

Het debat gaat op een later moment verder met de reactie van de commissie op de inbreng van de woordvoerders.

Bron: Tweede Kamer

Voor meer informatie:

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF