Buitenlandse opsporingsautoriteiten richten pijlen op vastgoedsector

Er valt een trend te ontdekken waarbij opsporingsautoriteiten de afgelopen jaren steeds meer hun peilen richten op de vastgoed sector. 

De afgelopen jaren wordt er onder meer in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk door opsporingsautoriteiten in toenemende mate onderzoek gedaan naar investeringsmaatschappijen (en hun werknemers) actief in de vastgoedsector. Er zouden betalingen worden verricht in ruil voor het recht om onroerend goed te mogen bouwen en te mogen verkopen. De verdenkingen zien onder meer op (ambtelijke) omkoping, het gebruik maken van derden voor het betalen van steekpenningen, witwassen en het ontwijken van economische sancties. 

Zo wordt op dit moment door zowel opsporingsautoriteiten in de VS als die daarbuiten onderzoek gedaan naar het investeringsfonds 1MDB.

In 2012 is een manager van Morgan Stanley, werkzaam op de bank haar ‘real estate investment and advisory business’, veroordeeld voor oneigenlijke praktijken.

In 2013 is in de VS een prestigieus project aan 5th avenue onteigend nadat bleek dat dit project indirect in eigendom was van Bank Melli Iran, een instituut in bezit van de Iraanse staat, en dus onderhevig aan Amerikaanse handelssancties.

Niet alleen de Amerikaanse en Britse opsporingsautoriteiten richten hun peilen op de aanpak van fraude bij real estate investors. Ook in andere landen valt een dergelijke trend te ontdekken. 

Bron: FCPA Blog
 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF